Verschillen

Dit geeft de verschillen weer tussen de geselecteerde revisie en de huidige revisie van de pagina.

ik_was_naakt_en_jij_hebt_me_gekleed [2009/08/18 13:33]
zrmariamechtild aangemaakt
ik_was_naakt_en_jij_hebt_me_gekleed [2009/08/21 08:48] (huidige)
zrmariamechtild
Regel 1: Regel 1:
======“IK was naakt en jij hebt me gekleed” ====== ======“IK was naakt en jij hebt me gekleed” ======
 +
 +=====De Ark van het Verbond=====
In het Oude Testament openbaarde God zijn tegenwoordigheid op een heel bijzondere manier door de Ark van het Verbond. Op de Ark lag een gouden dekplaat die het ‘verzoendeksel’ werd genoemd; hierboven troonde God temidden van Zijn volk. Die stond in het hart van het Heilige der Heiligen in de tempel. In zekere zin is deze Ark met het verzoendeksel een voorafbeelding van de barmhartige tegenwoordigheid van Christus te midden van zijn volk van het Nieuwe Verbond in het Allerheiligst Sacrament van het altaar, aanwezig in al de tabernakels van heel de wereld. In het Oude Testament openbaarde God zijn tegenwoordigheid op een heel bijzondere manier door de Ark van het Verbond. Op de Ark lag een gouden dekplaat die het ‘verzoendeksel’ werd genoemd; hierboven troonde God temidden van Zijn volk. Die stond in het hart van het Heilige der Heiligen in de tempel. In zekere zin is deze Ark met het verzoendeksel een voorafbeelding van de barmhartige tegenwoordigheid van Christus te midden van zijn volk van het Nieuwe Verbond in het Allerheiligst Sacrament van het altaar, aanwezig in al de tabernakels van heel de wereld.
-Met het oog op de heiligheid van de Ark van het Verbond, is wel een van de meest verrassende gebeurtenissen in de geschiedenis van het volk van Israel  in het eerste boek Samuel opgetekend. Het volk van Israel was in een oorlog met de Filistijnen verwikkeld, hun eeuwige vijand. De Israeliëten leden een aantal nederlagen, en dus keerden zij zich tot de Heer om hulp. Ze brachten de Ark van het Verbond naar hun legerkamp. “Zodra de Ark van het Verbond van de Heer in het kamp was aangekomen, hieven de Israëlieten zo’n gejuich aan dat de grond ervan dreunde. De Filistijnen hoorden dat gejuich en vroegen: ‘Wat moet toch dat luide gejuich in het kamp van de Hebreeën?’ Toen zij vernamen dat de Ark van de Heer in het kamp was gekomen, werden ze bang. Ze zeiden: ‘God is in het kamp gekomen! Wee ons, dat is nog nooit gebeurd.  Wee ons, wie redt ons uit de handen van die geweldige God? Dit is immers dezelfde God die de Egyptenaren in de woestijn met allerlei plagen getroffen heeft?((1 Sam. 4,5-9))”  +{{  :ark_van_het_verbond.jpg?200|}}Met het oog op de heiligheid van de Ark van het Verbond, is wel een van de meest verrassende gebeurtenissen in de geschiedenis van het volk van Israel  in het eerste boek Samuel opgetekend. Het volk van Israel was in een oorlog met de Filistijnen verwikkeld, hun eeuwige vijand. De Israeliëten leden een aantal nederlagen, en dus keerden zij zich tot de Heer om hulp. Ze brachten de Ark van het Verbond naar hun legerkamp. “Zodra de Ark van het Verbond van de Heer in het kamp was aangekomen, hieven de Israëlieten zo’n gejuich aan dat de grond ervan dreunde. De Filistijnen hoorden dat gejuich en vroegen: ‘Wat moet toch dat luide gejuich in het kamp van de Hebreeën?’ Toen zij vernamen dat de Ark van de Heer in het kamp was gekomen, werden ze bang. Ze zeiden: ‘God is in het kamp gekomen! Wee ons, dat is nog nooit gebeurd.  Wee ons, wie redt ons uit de handen van die geweldige God? Dit is immers dezelfde God die de Egyptenaren in de woestijn met allerlei plagen getroffen heeft?((1 Sam. 4,5-9))” 
Ondanks de aanwezigheid van de Ark, het vertrouwen van het leger van Israël en de angst van de Filistijnen, waren het de Filistijnen die in het daaropvolgende gevecht de overwinning behaalden.  De verliezen aan de kant van Israel waren aanzienlijk: 30.000 man voetvolk sneuvelden. Maar het meest schokkend was, dat de Filistijnen de Ark van het Verbond buit maakten! Het meest heilige teken van Gods aanwezigheid te midden van zijn uitverkoren volk  was in bezit genomen door de vijand! Hoe was dit mogelijk? Waarom stond God het toe dat de Ark van Zijn Tegenwoordigheid in de handen van heidense afgodendienaren viel? Ondanks de aanwezigheid van de Ark, het vertrouwen van het leger van Israël en de angst van de Filistijnen, waren het de Filistijnen die in het daaropvolgende gevecht de overwinning behaalden.  De verliezen aan de kant van Israel waren aanzienlijk: 30.000 man voetvolk sneuvelden. Maar het meest schokkend was, dat de Filistijnen de Ark van het Verbond buit maakten! Het meest heilige teken van Gods aanwezigheid te midden van zijn uitverkoren volk  was in bezit genomen door de vijand! Hoe was dit mogelijk? Waarom stond God het toe dat de Ark van Zijn Tegenwoordigheid in de handen van heidense afgodendienaren viel?
Regel 17: Regel 19:
Tegelijkertijd, als we de fouten van de priesters zien, en zelfs hieronder te lijden hebben, moeten we op onze hoede zijn opdat we de dingen niet nog erger maken door de priesters aan te vallen. Zelfs als bepaalde priesters geen heilige personen zijn, zo zijn ze toch altijd geheiligde personen, vanwege hun priesterwijding. Ze zijn de door God gezalfden. Net als David in het Oude Testament, die nooit een vinger tegen Koning Saul durfde uitsteken,  terwijl deze hem onterecht vervolgde, omdat hij zich steeds bewust was dat hij een door God gezalfde was((Vgl. 1 Sam. 24,6)) , zo zouden ook wij nooit moeten durven Gods gezalfde priesters aan te vallen. Tegelijkertijd, als we de fouten van de priesters zien, en zelfs hieronder te lijden hebben, moeten we op onze hoede zijn opdat we de dingen niet nog erger maken door de priesters aan te vallen. Zelfs als bepaalde priesters geen heilige personen zijn, zo zijn ze toch altijd geheiligde personen, vanwege hun priesterwijding. Ze zijn de door God gezalfden. Net als David in het Oude Testament, die nooit een vinger tegen Koning Saul durfde uitsteken,  terwijl deze hem onterecht vervolgde, omdat hij zich steeds bewust was dat hij een door God gezalfde was((Vgl. 1 Sam. 24,6)) , zo zouden ook wij nooit moeten durven Gods gezalfde priesters aan te vallen.
-De H. Catharina van Siëna  schrijft de woorden neer van God Vader in haar “Dialogues”.+=====De H. Catharina van Siëna===== 
 + 
 +{{  :h._catharina_van_siena.jpg?200|}}De H. Catharina van Siëna  schrijft de woorden neer van God Vader in haar “Dialogues”.
“Ik wens dat de leken alle priesters de aan hen verschuldigde eerbied geven, niet omwille van henzelf -zoals Ik zei- maar omwille van MIJ, vanwege de autoriteit die Ik hen heb gegeven. Daarom mag deze eerbied nooit afnemen, net zo min bij priesters wiens deugden zwak worden, als bij de rechtschapen priesters over wiens goedheid Ik met jou heb gesproken; want allen zijn gewijde bedienaren van de Zoon – van het Lichaam en Bloed van mijn Zoon en van de andere sacramenten. “Ik wens dat de leken alle priesters de aan hen verschuldigde eerbied geven, niet omwille van henzelf -zoals Ik zei- maar omwille van MIJ, vanwege de autoriteit die Ik hen heb gegeven. Daarom mag deze eerbied nooit afnemen, net zo min bij priesters wiens deugden zwak worden, als bij de rechtschapen priesters over wiens goedheid Ik met jou heb gesproken; want allen zijn gewijde bedienaren van de Zoon – van het Lichaam en Bloed van mijn Zoon en van de andere sacramenten.
Regel 42: Regel 46:
Deze woorden van de grote Kerkleraar wijzen niet alleen naar de waardigheid van de priester, en de verantwoording die hij draagt om volgens die waardigheid te leven, maar ook naar de plicht van de leken die de misstappen van de priesters opmerken om “hun vuilnis met hun tranen af te wassen” en hen opnieuw te kleden door hun gebed, dat zij zich bereid maken om de genaden van Gods barmhartigheid te kunnen ontvangen. Deze woorden van de grote Kerkleraar wijzen niet alleen naar de waardigheid van de priester, en de verantwoording die hij draagt om volgens die waardigheid te leven, maar ook naar de plicht van de leken die de misstappen van de priesters opmerken om “hun vuilnis met hun tranen af te wassen” en hen opnieuw te kleden door hun gebed, dat zij zich bereid maken om de genaden van Gods barmhartigheid te kunnen ontvangen.
-De profeet Zacharia had het volgende visioen: “Daarop liet Hij mij de hogepriester Jozua zien, die voor de Engel van Jahwe stond, en rechts van hem stond de satan, gereed om hem aan te klagen. Jahwe zei tot de satan: ‘Jahwe zal u terechtwijzen, Satan! Jahwe, die Jeruzalem heeft uitverkoren, zal u terechtwijzen. Deze Jozua is een stuk brandhout, dat aan het vuur ontrukt is!” Jozua had namelijk vuile kleren aan, terwijl hij voor de Engel stond. De Engel zei toen tot degenen die bij hem stonden: ‘Trekt hem die vuile kleren uit en doet hem feestkleren aan’. En tot Jozua zei hij: “Zie, ik neem uw ongerechtigheid van u af”. Hij beval verder, dat zij hem een schone tulband op het hoofd zouden zetten. Toen zetten ze hem een schone tulband op het hoofd en kleedden hem, terwijl de Engel van Jahwe erbij stond”((Zach. 3,1-5)) . +=====Profeet Zacharia===== 
 + 
 +{{  :profeet_zacharia.jpg?200|}}De profeet Zacharia had het volgende visioen: “Daarop liet Hij mij de hogepriester Jozua zien, die voor de Engel van Jahwe stond, en rechts van hem stond de satan, gereed om hem aan te klagen. Jahwe zei tot de satan: ‘Jahwe zal u terechtwijzen, Satan! Jahwe, die Jeruzalem heeft uitverkoren, zal u terechtwijzen. Deze Jozua is een stuk brandhout, dat aan het vuur ontrukt is!” Jozua had namelijk vuile kleren aan, terwijl hij voor de Engel stond. De Engel zei toen tot degenen die bij hem stonden: ‘Trekt hem die vuile kleren uit en doet hem feestkleren aan’. En tot Jozua zei hij: “Zie, ik neem uw ongerechtigheid van u af”. Hij beval verder, dat zij hem een schone tulband op het hoofd zouden zetten. Toen zetten ze hem een schone tulband op het hoofd en kleedden hem, terwijl de Engel van Jahwe erbij stond”((Zach. 3,1-5)) .
Dit profetisch visioen stelt het werk van de Satan in groot contrast met dat van de Engel. Satan klaagt aan, terwijl de Engel de omstanders vraagt de vuile kleren van de hogepriester uit te trekken. De Engel wijst Satan terecht, en heeft erbarmen met Jozua. De Engel spreekt over Jozua als over ‘een stuk brandhout dat aan het vuur ontrukt is’. Dit profetisch visioen stelt het werk van de Satan in groot contrast met dat van de Engel. Satan klaagt aan, terwijl de Engel de omstanders vraagt de vuile kleren van de hogepriester uit te trekken. De Engel wijst Satan terecht, en heeft erbarmen met Jozua. De Engel spreekt over Jozua als over ‘een stuk brandhout dat aan het vuur ontrukt is’.